volg ons

Verhalen van medewerkers

Annie Bos, medewerker Huishoudelijke Hulp

"Ik ben te gast in hún huis"

Annie Bos, medewerker Huishoudelijke Hulp

Annie Bos werkt al twaalf jaar als Huishoudelijke Hulp (HH) bij Driezorg. “Mijn standplaats is Rivierenhof, maar soms val ik in bij Arcadia”. Daarvoor werkte ze twaalf jaar in het ziekenhuis als voedingsassistent. “Ik ben nadat de kinderen kwamen er even tussenuit geweest. Toen zij ouder waren, wilde ik toch weer overdag aan de slag”. Een poosje werkte ze bij Zonnehuisgroep Ijssel-Vecht en kreeg de smaak van het werken in de ouderenzorg te pakken. “Ik heb de INAS opleiding gedaan, dus had al affiniteit voor de zorg”. Na een open sollicitatie werd ze bij Driezorg aangenomen. “Ik ben nog steeds blij met mijn werk. Ik hou van het menselijk contact dat het werk met zich meebrengt en we hebben ook een fijn, hecht team”. Dat bewijst ook het contact met oud collega’s. “Al jaren doen we twee keer per jaar iets leuks met elkaar”.

Het werk als HH’er is fysiek best zwaar, legt Annie uit. “Er zijn dagen dat ik drie woningen per dag doe en dat is niet mis”. De waardering voor haar werk maakt echter veel goed. “Cliënten waarderen echt wat ik voor hen doe en genieten van een schoon huis”. Als HH’er maakt Annie niet alleen schoon. “Dat is afhankelijk van de indicatie. Als cliënten helemaal geen regie meer kunnen houden over het huishouden, dan neem ik meer werk uit handen. Denk aan bijvoorbeeld een boodschapje doen of een wasje draaien”. Cliënten die nog wel wat kunnen, betrekt Annie zoveel mogelijk bij het schoonmaak werk. “Ik probeer hun echt te stimuleren samen schoon te maken en kijk naar wat ze wél kunnen”.

Naast de fysieke uitdaging waar je als HH’er voor kan staan, moet je ook stevig in je schoenen staan. “Cliënten willen soms dat je dingen doet die niet bij je takenpakket horen. Je moet dan wel ‘nee’ durven zeggen en je grenzen aangeven”. Wat ook belangrijk is in de omgang met cliënten is respect voor ouderen, merkt Annie. “Je moet bijvoorbeeld geen kort topje aandoen ofzo. Dat waarderen ouderen niet”. Een ander aandachtspunt blijkt het aanspreken van cliënten. “Zeg gewoon ‘u’. Zelf is mijn regel dat ik cliënten nooit bij de voornaam noem hoe graag ze dit ook willen. Zo ben ik gewoon opgevoed”. Het zorgvuldig omgaan met spullen is zeker zo belangrijk. “Deze hebben vaak emotionele waarde voor de cliënt”. Je bent als HH’er een gast in het huis van een cliënt, is een vuistregel die Annie hanteert. “Ik bel dan ook altijd gewoon aan. Het is en blijft hún huis”.

Voor Annie is veilig, hygiënisch werken ook van belang. “Ik werk alleen met natuurlijke schoonmaakmiddelen. Anders krijg ik daar enorm last van”. Als iets op is, schrijft Annie dat op en haalt de cliënt of de familie nieuwe. Wat Annie consequent doet, ook al hoeft het niet, is het bijhouden van een schriftje. “Iedere keer als ik geweest ben, schrijf ik kort op wat ik heb gedaan. Veel cliënten vergeten dat door hun leeftijd en voor de familie is het ook fijn om te weten wat er is gedaan”.

Annie merkt wel dat veel ouderen eenzaam zijn.”Ik denk ook dat dat komt doordat ouderen langer thuis blijven wonen”. Cliënten hebben vaak behoefte aan een praatje. “Ik kan echter niet zomaar met hun gaan koffie drinken in de tijd dat ik moet schoonmaken. Dat is voor sommige cliënten echt een teleurstelling”. Annie is betrokken bij haar cliënten. “Helaas  heb ik door overlijden ook wel afscheid moeten nemen. Ik ga dan wel naar de begrafenis of crematie. Je bouwt toch echt een band op met cliënten en hun familie. Goed afscheid nemen hoort er dan bij vind ik”, aldus een zeer betrokken en bevlogen HH collega.

« naar overzicht